Kartonnen dozen



Ik beweer altijd een fervente lezer te zijn, maar ik merk dat ik vaak bij dezelfde auteurs blijf hangen. Voor dit cultuurportfolio wil ik daarom eens afwijken van mijn vertrouwde paden. Terwijl ik de boekenplank van mijn dochter bekijk, valt mijn oog op dit boek van Tom Lanoye. Een schrijver die mijn collega me al eens heeft aangeraden, de keuze voor dit boek lijkt me dan ook een geschikte keuze.

Een gewaagde keuze

Even later vraagt mijn dochter verbaasd of ik dat boek aan het lezen ben. Aangezien er geen prenten in staan, lijkt het antwoord me nochtans vrij vanzelfsprekend. Ze vertelt me dat het een verschrikkelijk boek is, het ergste dat ze ooit voor school heeft moeten lezen. Ik vermoed dat ze wel lichtjes zal overdrijven, maar ben toch benieuwd waarom ze het zo vreselijk vond. Exact weet ze het niet meer, al herinnert ze zich wel een masturbatiescène die blijkbaar destijds behoorlijk indruk op haar gemaakt heeft. Ik besluit het boek alsnog een kans te geven.

Met een kartonnen doos op vakantie

In het eerste deel van het boek verdwijn ik helemaal in de wereld van de tienjarige Tom Lanoye. Hij vertrekt op vakantie met de Christelijke Mutualiteiten en neemt mee … een kartonnen doos. Ook ik trok – 15 jaar later - met datzelfde ziekenfond op reis als twaalfjarige, eveneens gewapend met een kartonnen doos. Voor de groentjes onder ons: die dozen kregen we van het ziekenfonds om dienst te doen als onze koffer.


In tegenstelling tot die van Lanoye werd mijn doos thuis nog vernist, zodat ze beter bestand was tegen een stootje en een spatje regen. Mijn reis ging naar zee, en ik vond het verschrikkelijk: een hele week kampte ik met heimwee. Lanoye trok naar de Ardennen en leek het daar blijkbaar wel naar zijn zin te hebben.

Alsof ik er zelf bij was

Ik merk dat ik zijn schrijfstijl wel weet te appreciëren, vooral zijn droge humor en levendige beschrijvingen. Bij de beschrijving van de brandende frituurketel zie ik zijn moeder zo voor me:

Mijn moeder. In haar handen de brandende frituurketel. Door de heftigheid van de emotie die mij bespringt, lijkt alles in slow motion te gaan. Uit de weg! Roept ze me ellendig vertraagd toe. Vlammen slaan haar lui maar venijnig in het gezicht. Brandende druppels spetteren langzaam alle kanten op. Oh nee. Ze heeft haar nylon schort nog aan. Ze passeert me rakelings. Dat duurt een uur. Ik zie vreselijk wonden op haar armen. Zelfs de pannenlapjes waar ze de ketel mee vastklemt vonken al. Haar tanden zijn verbeten op elkaar geklemd.

Buitengekomen gooit ze de frituurketel als een emmer water leeg op de straatstenen. De ketel gooit ze erachteraan, de pannenlapjes ook.

Van boeiende herinneringen naar lange uitweidingen

Na het eerste deel, dat naast het CM-kamp vooral draait rond de belangrijkste vrouwen uit zijn jeugd, volgt een hoofdstuk over zijn middelbareschooltijd. Vooral de veranderingen op het college worden uitgebreid beschreven: van priesters die lesgeven naar leken voor de klas. Ongetwijfeld waren het interessante tijden, en Tom Lanoye beschrijft ze met de nodige humor, maar ik merk dat hij soms erg langdradig begint uit te wijden, waardoor mijn aandacht stilaan verslapt.

Te veel van het goede

Eveneens in dit tweede deel begin ik aan te voelen dat we richting de beruchte masturbatiescène gaan. Ik verwacht één scène, maar het gaat daarentegen pagina’s lang door. De jonge Lanoye masturbeert overal en lijkt een ware verslaving ontwikkeld te hebben. Al zijn “annexaties” - zoals hij het zelf noemt - worden erg gedetailleerd en levendig beschreven, vaak met een vleugje humor, zoals ik ondertussen van hem gewend ben. Ik kan het nog net verdragen, al vraag ik mij af of dit nu echt noodzakelijk is. Maar moest mijn dochter dit verplicht lezen in het middelbaar?

Herinneringen aan Zwitserland

In dit tweede deel gaat hij opnieuw met de CM op reis, dit keer naar Zwitserland. Na mijn fiasco aan de zee ben ik zelf niet meer op kamp geweest. Zijn reis doet me wel denken aan de verhalen van mijn moeder, die destijds wel mee was naar Zwitserland. Tot en met de koeienbel die Lanoye van deze vakantie meebrengt en die vroeger dankzij mijn moeders kamp ook in mijn speelkoffer zat. In Zwitserland vindt hij nog steeds de gelegenheid om zijn ondertussen gekende hobby verder uit te oefenen.

Van collegebanken tot Griekenland

Daarna gaat het verhaal verder in de hogere jaren op het college, waar het voor mij allemaal wat te langdradig begint te worden. Doorheen het hele verhaal is er gelukkig wel zijn ontluikende liefde voor Z., een jeugdvriend en klasgenoot van wie hij vermoedt dat het om een onbereikbare liefde gaat. Die verhaallijn spreekt me meer aan dan de uitgebreide beschrijvingen van zijn leraren.

Lanoye ontpopt zich op het college tot een soort leerlingenvertegenwoordiger en krijgt het in het laatste jaar voor elkaar dat de traditionele Romereis wordt vervangen door een reis naar Griekenland. Dit tot grote ergernis van de directeur. Zijn beschrijving van de reis in Griekenland vind ik wel aangenaam om te lezen en op sommige momenten opnieuw heel grappig, zoals in dit fragment:

Om de schijn van een maaltijd hoog te houden, zorgde een hotelier dan maar dat vers brood en boter ruimschoots op zijn tafels aanwezig waren en serveerde daarna zijn zelfbereide gerecht. Verdroogde noedels met platgekookte rijst, een zweem van tomatensaus, bonen opgewarmd in eigen blik en drie vezels vlees van lam. Dit alles scherp gekruid en overgoten met olijfolie die afgekeurd was om scheepsmotoren te smeren. Ik begon te begrijpen waarom het in Griekse restaurants een traditie was geworden om borden stuk te gooien. Wat ik minder snapte was waarom er werd gewacht tot de borden leeg waren.

Het is ook in Griekenland dat de vriendschap tussen Lanoye en Z. steeds intenser wordt, en ik begin echt benieuwd te raken naar de afloop - een afloop die ik hier uiteraard niet ga verklappen.

Dozen vol herinneringen

Ik ben gecharmeerd door de oproep van de auteur op het einde van het boek, namelijk om zelf onze duistere en geheime beelden uit onze jeugd neer te pennen en toe te voegen aan dit boek. Een boek dat we als het ware moeten zien als een kartonnen doos. Wie weet waag ik me daar, na het afsluiten van dit cultuurportfolio, nog eens aan, al denk ik niet dat mijn jeugdherinneringen zo bijzonder zijn.

Een mix van emoties

Ik heb het boek gelezen met een scala aan emoties: plaatsvervangende schaamte (je kan wel raden waarom), onbegrip (dat mijn dochter dit verplicht moest lezen), geamuseerd (omwille van de droge humor) en nieuwsgierig naar de afloop van zijn verliefdheid op Z.

Een kleine zoektocht in de schooltijd

Zowel mijn dochter als ik zijn ondertussen wel erg benieuwd naar wanneer ze dit boek precies voor school moest lezen. Zij lijkt ervan overtuigd dat dit in de tweede graad was, maar op de achterflap zie ik dat het een boek is voor 16+. Mijn dochter duikt in haar overzicht van gelezen boeken en komt vervolgens met de verlossende mededeling dat ze toch al in het vijfde middelbaar zat. Geen reden dus om de school alsnog aan te klagen.

Een bedenkelijke keuze voor de klas

Zou ik het boek aanraden aan leerlingen? Alleszins niet aan leerlingen uit de eerste of tweede graad. Maar ook voor derde graad twijfel ik. Ik zie dat het boek vermeld staat op Lezen voor de lijst. Als leerlingen het uit eigen beweging willen lezen, is dat natuurlijk prima. Leerlingen dit boek opleggen, zelfs al zitten ze in het vijfde middelbaar, vind ik geen goed idee. Op zijn minst moet er gewaarschuwd worden voor de al te expliciete beschrijvingen van Lanoyes solo-ontdekkingsreizen.

Van boek naar bioscoop

Tot slot nog een beetje goed nieuws voor wie nu wel geïnteresseerd is in dit boek, maar niet zo graag leest: enkele maanden geleden zijn de opnames gestart van de verfilming van dit verhaal. De film wordt in de bioscoop verwacht vanaf het najaar 2026. Misschien moet ik eens polsen of mijn dochter mee wil gaan. 






Reacties